2026 is uitgeroepen tot het Jaar van de Steenuil.
In het radioprogramma Beestjes op Radio Aa en Hunze vertelde steenuilenspecialist Erwin Bruulsema waarom deze karakteristieke uil volop in de schijnwerpers staat. Ondanks positieve ontwikkelingen blijft de soort kwetsbaar en is bescherming hard nodig.
Bruulsema is al jarenlang actief bij de Vogelwacht Uffelte en omgeving en betrokken bij SteenuilenDrenthe.nl.
Hij geldt als een van de kenners van de steenuil in Drenthe en zet zich samen met vele vrijwilligers in voor onderzoek en bescherming.
Soort van het jaar
“En dan valt alles mooi samen, want 2026 is uitgeroepen tot het Jaar van de Steenuil,” aldus Bruulsema in de uitzending. De steenuil is door Vogelbescherming Nederland en SOVON Vogelonderzoek Nederland aangewezen als soort van het jaar. Daarmee komt er landelijk extra aandacht voor onderzoek en bescherming van deze kleine uil, die symbool staat voor het Nederlandse cultuurlandschap.
Klein maar bijzonder
De steenuil is een van de kleinste uilensoorten van Nederland. “Hij is heel klein, ter grootte van een merel,” vertelt Bruulsema, om er met een glimlach aan toe te voegen: “Maar hij eet ook wel merels.” De soort leeft vooral in kleinschalige agrarische landschappen met erven, houtwallen en oude bomen.
Vrijwilligerswerk als basis
Aangesloten vrijwilligers volgen de uilen gedurende het hele jaar. In de late winter en het vroege voorjaar brengen zij met geluidsinventarisaties in kaart waar steenuilen territoria hebben. In het voorjaar worden de nestkasten gecontroleerd om te zien waar daadwerkelijk wordt gebroed en hoe groot de legsels zijn. De inventarisaties vinden plaats voordat het broedseizoen begint.
Broeden en ringen
In april en begin mei worden eieren gecontroleerd. De steenuil is geen verstoringsgevoelige broeder, waardoor deze controles veilig kunnen plaatsvinden. Meestal bestaat een legsel uit drie tot vijf eieren, met uitschieters naar boven of beneden afhankelijk van de omstandigheden.
Vanaf half mei worden de jongen gecontroleerd en geringd door gecertificeerde ringers. Het ringen levert waardevolle informatie op over overleving, verspreiding en paarvorming. Soms worden de jongen ook gewogen en gemeten om hun conditie te bepalen en zo iets te zeggen over het voedselaanbod in een gebied.
Trouw tot het einde
Steenuilen staan bekend om hun sterke paarband. “Steenuilenparen zijn trouw en blijven levenslang bij elkaar,” vertelt Bruulsema. “Het vrouwtje broedt, het mannetje zorgt voor voedsel. Als de jongen er zijn, voert het mannetje aan en het vrouwtje scheurt het voedsel en voert de jongen.”
Die taakverdeling kan ook kwetsbaar zijn. Als het vrouwtje wegvalt, blijven de jongen soms alsnog achter in een nest vol voedsel, maar zonder dat het wordt aangereikt. Met soms de dood tot gevolg.
‘’Als we het op tijd aantreffen kunnen we de uilskuikens nog naar een vogelopvang brengen ter overleving’’ aldus Bruulsema.
Wat kan iedereen doen?
Volgens Bruulsema kan iedereen iets betekenen voor de steenuil. “In principe kan iedereen de steenuil helpen door tuinen en erven te voorzien van bomen en struiken, bijvoorbeeld hoogstambomen,” zegt hij. Steenuilen voelen zich thuis op boerenerven en in gebieden met paarden en schapen. Juist die landschappen komen veel voor in de gemeente Aa en Hunze. Het is dan ook niet verbazingwekkend dat de gemeente Aa en Hunze al sinds 2018 ambassadeur is van de steenuil.
Met het Jaar van de Steenuil hoopt men dat meer mensen oog krijgen voor deze bijzondere uil en het landschap dat hij nodig heeft.


