Gemeente wil rust in de bodem
De gemeente Aa en Hunze verzet zich tegen plannen om zoutkoepels in Drenthe te gebruiken voor ondergrondse opslag van waterstof. Volgens het Ministerie van Klimaat en Groene Groei komen deze zoutlagen in aanmerking voor opslag, maar om dat mogelijk te maken moet eerst het zout worden gewonnen. Dat is ingrijpend, zegt burgemeester Anno Wietze Hiemstra in een bericht van RTV Drenthe.
“Wij hebben al genoeg gedaan,” aldus Hiemstra in dat bericht. “Om hier waterstof te kunnen opslaan, moet eerst het zout worden verwijderd. Daarvoor zijn grote installaties nodig en dat levert bodemdaling op. Terwijl er andere plekken zijn waar dat veel eenvoudiger kan.”
Bezwaren tegen locaties en risico’s
De zoutkoepels liggen deels onder kwetsbare gebieden, waaronder Natura 2000-gebieden, een nationaal park en een geopark. Volgens de gemeente verkleint dat de geschiktheid van deze locaties. Bovendien moet eerst meer onderzoek gedaan worden naar mogelijke risico’s en zijn proefboringen nodig voordat een besluit kan worden genomen.
“Onze regio heeft al veel op zich genomen”
Samen met Midden-Drenthe en Borger-Odoorn stuurde Aa en Hunze een brief naar de Tweede Kamer om de zorgen kenbaar te maken. Hiemstra benadrukt dat inwoners al te maken hebben met gaswinning, windmolens en bestaande zoutwinning: “Onze regio verdient rust in de bodem.”


